Hoe zou een experiment ten aanzien van het achterdeurbeleid van coffeeshops er in Haarlem uit kunnen zien?

In de afstudeerscriptie van Niels de Boer wordt een experiment met de regulering van de achterdeur voor coffeeshops in Haarlem besproken aan de hand van literatuuronderzoek, kwantitatieve surveys die zijn uitgezet onder een aantal andere coffeeshopgemeenten en kwalitatieve onderzoeksmethoden waarbij interviews zijn gehouden met 2 van de 16 Haarlemse coffeeshopondernemers, de woordvoerder van WeSmoke (cannabisconsumentbelangen), de voorzitter van stichting Drugsbeleid, stichting Mediwiet, de coordinator hennepgerelateerde zaken van de politie, de veiligheidsmanager en een medewerker van afdeling openbare orde en veiligheid van gemeente Haarlem en de coordinator Wijken en Buurten van de Haarlemse woningcooperatie Elan Wonen.

De Boer noemt de mogelijkheid van het toekennen van een ontheffing bij het verbod op de teelt van cannabis, indien de aanvrager aan kon tonen dat het belang van de volksgezondheid of de gezondheid van dieren wordt gediend, of de ontheffing nodig heeft voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek of analytisch-chemisch onderzoek dan wel voor instructieve doeleinden. Ook biedt het opportuniteitsbeginsel ook ruimte om experimenten met experimenten rond een gereguleerde achterdeur toe te staan.

Drie varianten voor een experiment Haarlem zijn bij deze studie genoemd:
a. Een concept waarbij de coffeeshopondernemer invloed heeft op de te produceren cannabissoorten om de variatie voor diens menukaart te kunnen garanderen.
b. Een cannabis social club, zoals ook wel in Utrecht is geopperd; nadeel is dat dit maar een klein deel van de markt bediend, waarbij illegale toelevering aan coffeeshops blijft bestaan.
c. Gemeentelijk toezicht op de teelt zoals voorgesteld in Rotterdam waarbij coffeeshops echter geen invloed hebben op het aanbod.

Aanbevelingen:
1. Werk het voorstel van het Team Haarlemse Coffeeshopondernemers verder uit middels een biologische teeltwijze.
2. Benoem een commissie om een kweekexperiment te begeleiden, zoals ook het geval bij het Haarlemse coffeeshopkeurmerk.
3. De eenvoudigste manier om een experiment met gereguleerde cannabisteelt voor elkaar te krijgen is door de aanvraag van een opiumontheffing vanwege wetenschappelijke of volksgezondheidsredenen. Hiertoe moeten goede argumenten bedacht worden.
4. Trek op met andere gemeenten en betrek ook (neder)hasjproductie bij een experiment.

Reflectie – Heldere aanbevelingen die echter wel erg summier blijven en om een nadere verdieping vragen. Dit afstudeeronderzoek komt dan ook over als een eerste verkenning om de contouren voor een Haarlems kweekexperiment in kaart te brengen, die bij een nadere uitwerking ook om een lokale politieke analyse vragen. Interessant is dat Haarlem als middelgrote gemeente, met het Haarlemse coffeeshopkeurmerk wel makkelijk in aanmerking kan komen als een stad bij de 6-10 (middelgrote) experiment gemeenten voor gedoogde gereguleerde wietteelt uit het Rutte III regeerakkoord.

Niels De Boer, HvA sociaal juridische dienstverlening, december 2013
https://drive.google.com/file/d/1m9IqBGiIqzOqFOatkowI-bed0SD3MtR5/view