Hoofd Menu

TWEEDE KAMERVERKIEZINGEN 15 MAART 2017

 

De Cannabis-Kieswijzer is sinds jaren de site over alles wat met verkiezingen enerzijds en anderzijds met cannabis en softdrugsbeleid te maken heeft. Van Europese Parlementsverkiezingen, Eerste Kamer-, Tweede Kamer-, Provinciale Staten- tot aan Raadsverkiezingen. Daarnaast tref je Kamervragen en nieuws of achtergrondartikelen aan; met bijvoorbeeld overzichten van standpunten van verschillende politieke partijen over cannabisbeleid of het stemgedrag van partijen.

Ook berichten we over het experiment gesloten coffeeshopketen. De deadline van 10 juni 2019 is inmiddels verstreken.

 

EXPERIMENT JAexperiment ja

 

 EXPERIMENT NEEexperiment nee

 

EXPERIMENT ONBESLIST091914 MarijuanaYesNo fitbox 1000x1000

 

We hopen dat deze informatie helpt ter oriëntatie om tot een scherpere gedachtevorming te komen over de ontwikkelingen in en van softdrugsbeleid of om bij verschillende verkiezingen mede te kunnen bepalen op welke politieke partij te stemmen.



 

WODC-rapport: Het besloten club en ingezetenen criterium

WODC-rapport: Het besloten club en ingezetenen criterium

“Dit onderzoek dat door en in opdracht van het WODC is verricht op verzoek van het Ministerie van Veiligheid en Justitie betekent niet dat de inhoud van de rapporten het standpunt van de Minister van Veiligheid en Justitie (VenJ weergeeft”.


Op 1 januari 2012 werd het Nederlandse coffeeshopbeleid aangescherpt. In de Aan- wijzing Opiumwet van het Openbaar Ministerie werden twee nieuwe gedoogcriteria voor coffeeshops toegevoegd: het Besloten clubcriterium (B-criterium) en het Ingezetenencriterium (I-criterium). Het B-criterium hield in dat coffeeshops uitsluitend toegang mogen verlenen en verkopen aan leden van de coffeeshop, waarbij bepaald was dat de coffeeshop in één kalenderjaar maximaal 2000 lidmaatschappen mag uitgeven en dit documenteert in de vorm van een controleerbare ledenlijst. Het I- criterium hield in dat lidmaatschap van de coffeeshop uitsluitend toegankelijk is voor ingezetenen van Nederland van 18 jaar en ouder.


De implementatie en de gevolgen van de nieuwe criteria worden op verzoek van de Minister van VenJ geëvalueerd. Onderzocht is of de processen zijn verlopen zoals vooraf werd beoogd, of de beoogde uitkomsten zijn bereikt en in hoeverre het negatieve neveneffect van de opkomst van een illegale markt, waarop geanticipeerd werd, zich heeft voorgedaan. De ‘interventielogica’ van de B- en I-criteria vormde het kader voor de evaluatie. Deze logica is door de onderzoekers gereconstrueerd aan de hand van beleidsdocumenten en daarna gecheckt in interviews met betrokken actoren.


Voor het onderzoek is een steekproef samengesteld van 7 gemeenten in het zuiden van het land, waar de criteria werden gehandhaafd, en zeven in de overige provincies, waar de criteria nog niet werden gehandhaafd. Binnen deze gemeenten is een coffeeshopgebied geselecteerd voor metingen onder coffeeshopklanten en omwonenden van coffeeshops. De ontwikkelingen in de zuidelijke gemeenten zijn vergeleken met die van de gemeenten in de overige provincies.


Voor de evaluatie van de processen zijn twee interviewrondes gehouden met 40 respectievelijk 36 vertegenwoordigers van landelijke overheid, Parket-Generaal van het OM, bovenlokale ondersteuners van de gemeenten, gemeenten, politie, arrondissementsparketten van het OM en coffeeshophouders in de zuidelijke provincies. De interviews vonden plaats in de beginperiode van de handhaving van de nieuwe criteria (mei-augustus 2012) en na circa een half jaar (eind 2012).


Voor het onderzoek naar de beoogde uitkomsten – vermindering van overlast en drugstoerisme, kleinere coffeeshops (afgemeten aan het aantal coffeeshopbezoeken) die alleen toegankelijk zijn voor ingezetenen van Nederland – zijn twee metingen, een nulmeting en een eerste vervolgmeting, verricht onder coffeeshop- bezoekers (n=1.051 bij de nulmeting en n=739 bij de eerste vervolgmeting) en omwonenden van coffeeshops in de geselecteerde coffeeshopgebieden (n=712 bij de nulmeting en n=714 bij de eerste vervolgmeting). De veronderstelde effecten op beheersbaarheid van coffeeshops en (georganiseer- de) drugscriminaliteit zijn in dit onderzoek niet gemeten. Om deze effecten op valide wijze te meten zou apart onderzoek met raadpleging van andere categorieën respondenten en andere bronnen gedaan moeten worden.


De gevolgen voor de illegale gebruikersmarkt van cannabis zijn onderzocht in een straatsurvey onder cannabisgebruikers buiten de coffeeshopgebieden (n=942 bij de nulmeting en n=812 bij de eerste vervolgmeting). Daarnaast zijn 340 niet-actuele en actuele cannabisgebruikers bij de eerste vervolgmeting in een straatsurvey bevraagd over veranderingen in hun gebruik sinds de handhaving van de nieuwe criteria. De uitkomstmetingen vonden plaats in de gemeenten in de zuidelijke provincies én in de rest van het land. De nulmeting is vóór 1 mei 2012 uitgevoerd en de eerste vervolgmeting een half jaar later, in oktober-november 2012.


Na de daadwerkelijke handhaving van de B- en I-criteria in het zuiden van het land per 1 mei 2012 hebben zich in de periode tot eind november 2012 aanzienlijke veranderingen voorgedaan op de gebruikersmarkt van cannabis. De drugstoeristen bleven grotendeels weg, het aantal bezoeken aan coffeeshops daalde fors en gebruikers schaften hun cannabis aanzienlijk vaker aan via illegale verkoopkanalen. In de omvang en frequentie van de door direct-omwonenden van coffeeshops ervaren overlast veranderde weinig, maar in de aard van de overlast in de directe omgeving van coffeeshops trad een verschuiving op. Ervoeren omwonenden vóór 1 mei 2012 met name overlast van de coffeeshops, na een half jaar hadden ze vooral overlast van dealactiviteiten op straat. Deze veranderingen deden zich al snel na de handhaving van de nieuwe criteria voor en ze werden niet waargenomen in de vergelijkingsgebieden in de rest van het land.


Waargenomen werd dat lokale actoren de door de landelijke overheid aangereikte algemene kaders in de voorbereidings- en opstartfase als onduidelijk hebben ervaren, waardoor ze het moeilijk vonden om hun formele taak, het concreet invullen van kaders op lokaal niveau, uit te voeren. Tijdens de implementatie – tussen mei en november 2012 – werden werkzame procedures ontwikkeld, zowel door verhelderingen in brieven van de Minister van VenJ als door betrokken actoren – gemeenten, landelijke overheid en (soms) Parket-Generaal en politie – gezamenlijk in de brede ambtelijke werkgroep. Een tweede observatie is dat er verschillen in uitvoering bestonden tussen gemeenten. Sommige gemeenten waren actief, andere waren terughoudend en deden minder dan verwacht werd vanuit de interventielogica. Gemeenten maakten daarbij gebruik van de in het coffeeshopbeleid bestaande ruimte voor lokaal maatwerk.

Het aanschafgedrag van cannabis is in het zuiden van het land, waar de nieuwe criteria gehandhaafd werden, tussen mei en november 2012 fors verschoven. Cannabisgebruikers schaften hun cannabis daar minder vaak aan in coffeeshops en veel vaker bij 06-dealers, straatdealers en thuisdealers, alsmede bij of via vrienden. Op deze opkomst van de illegale markt was door de betreffende actoren geanticipeerd op basis van scenario’s. Gemeenten die aan de hand van het verwachte scenario extra politiecapaciteit hadden aangevraagd bij het ministerie van VenJ, hebben deze ook gekregen. De lokale actoren hebben geprobeerd verschillende mogelijke juridische opties tot sanctionering van dealers en runners, zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk, toe te passen. Desondanks was de verschuiving in aanschaf van cannabis van coffeeshops naar illegale verkoopkanalen in oktober en november 2012 nog steeds waarneembaar en werd in de gemeenten in de drie zuidelijke provincies substantieel meer cannabis gekocht op de illegale markt en minder in de coffeeshops dan vóór 1 mei 2012; mede in het licht van de volksgezondheidsdoelstelling van het coffeeshopbeleid – de scheiding van de gebruikersmarkten van harddrugs en softdrugs en het bieden van een rustige en veilige omgeving voor de volwassen cannabisgebruiker om cannabis aan te schaffen en te gebruiken – een serieus negatief neveneffect.

Op 19 november 2012 schreef de Minister aan de Tweede Kamer dat het B-criterium verviel en per 1 januari 2013 is dit verplichte lidmaatschap van een coffeeshop uit de Aanwijzing Opiumwet gehaald. Hiermee is deze drempel voor aankoop van cannabis in coffeeshops voor ingezetenen van Nederland in principe weggenomen. Het I-criterium is in aangepaste vorm gecontinueerd, met gefaseerde handhaving en lokaal maatwerk.

Reflectie – uit deze rapportage komt naar voren dat er een serieus negatief neveneffect is geweest door de introductie van het B en I criterium, namelijk de verplaatsing van de gedoogde verkoop naar de illegale markt die het scheiding der markten als uitgangspunt van het Nederlandse gedoogbeleid heeft ondermijnt. Zeer benieuwd wat er verder uit de onafhankelijke evaluatie komt door de commissie die op verzoek van de nieuwe minister voor Justitie en Veiligheid is aangesteld n.a.v de klokkenluidersbrief* die door de Nieuwsuur uitzending van 6-12-2017 aan het licht kwam en dus ook dit onderzoek betrof, naast Cannabis en Internationaal recht/van Kempen I.
*http://content1a.omroep.nl/urishieldv2/l27m5cbf98e010e9da81005a525ead000000.067677d33d56228575bce271cedd204c/nos/docs/klacht.pdf

WODC, 2013 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2013/06/27/wodc-rapport-het-besloten-club-en-het-ingezetenencriterium-voor-coffeeshops

Nieuws

Video's