Gebruik cannabis levert geen lange dopingstraf meer op

Per 1 januari 2021 treedt de Dopinglijst 2021 in werking. De Dopinglijst 2021 bevat een aantal wijzigingen ten opzichte van de Dopinglijst 2020. 

De belangrijkste verandering wat betreft dopingstraffen per 01-01-2021 is dat recreatief drugsgebruik buiten wedstrijdverband veel minder streng bestraft zal worden. Drie maanden in plaats van twee jaar uitsluiting om deel te nemen aan sportwedstrijden. Het gaat om het gebruik van cannabis, mdma, heroïne en cocaïne. Andere prestatiebevorderende middelen zoals EPO blijven uiteraard verboden. (Veel van de ondergrondse doping is overigens uit Nederland afkomstig, zie nrc 12-01-2021)

 De Dopingautoriteit vindt al jaren dat drugsgebruik een maatschappelijk probleem is en weinig te maken heeft met het verbeteren van een sportprestatie.  "Elke zaak staat op zichzelf. Cannabis werd meestal al lichter bestraft dan het gebruik van cocaïne omdat de omstandigheden van het gebruik vaak anders zijn. Nu is voor een aantal middelen de strafmaat verlaagd, iets waar wij blij mee zijn."

Als een sporter besluit hulp te zoeken in geval van zijn of haar problematisch drugsgebruik, dan kan de straf zelfs verlaagd worden naar een maand.

Top- of amateursport
Een andere wijziging die effect heeft op de straf is of je gezien wordt als top- of amateursporter. Vanaf januari krijgen amateursporters een lichtere straf. "Al zitten er best wat haken en ogen aan. Als je een keer bent uitgekomen voor een nationaal team geld je al niet meer als recreational athlete."

Hoewel de Dopingautoriteit niet op individuele gevallen in kan gaan, is wel duidelijk dat ook deze nieuwe regel tot een verminderde straf kan leiden bij Nederlandse sporters.

Dat is voor sporters die wel eens een blowtje of spacecake lusten goed nieuws. Natuurlijk zou de incidentele recreatieve consumptie van cannabis volgens de redactie van Stichting Maatschappij en Cannabis in wezen binnen de sport helemaal niet bestraft moeten worden.